18.5.3.1 Blijven met korte infinitief
Het groepsvormende werkwoord
blijven kan een korte
infinitief als aanvulling krijgen.
Vaak is die aanvulling een houdingswerkwoord, namelijk
zitten,
staan,
hangen of
liggen. Ook komt de
combinatie met bestaan regelmatig
voor:
Zoals de meeste werkwoordconstructies is dit een subjectgeoriënteerde
constructie: het onderwerp bij
blijven wordt ook begrepen als
het onderwerp van de aanvulling, bijvoorbeeld de jonge
vrouw bij
zitten in (1a).
Veelvoorkomende infinitieven bij
blijven
Tabel 1. Meest frequente infinitieven bij
blijven.
Verdieping
Veelvoorkomende infinitieven bij
blijven
Tabel 1 geeft een overzicht van de meest frequente infinitieven in de
open plek van de constructie. De cijfers gelden voor tweeledige
werkwoordgroepen in de dataset van Coussé & Bouma (2022). De
tokenfrequentie geeft het totale aantal werkwoordconstructies weer. De
typefrequentie staat voor het aantal verschillende infinitieven in die
werkwoordconstructies.
Tabel 1. Meest frequente infinitieven bij
blijven.
| Blijven | |
| zitten | 30 |
| staan | 22 |
| hangen | 18 |
| bestaan | 17 |
| liggen | 11 |
| … | … |
| Types | 168 |
| Tokens | 353 |
De constructie kan met een ruimtelijke betekenis gebruikt worden om aan te
geven dat het onderwerp van de zin de houding of positie aanhoudt beschreven in
de infinitief. De constructie drukt op die manier de afwezigheid van
verplaatsing uit:
Die ruimtelijke betekenis bevat ook een continuatief aspect. Het aanhouden
van een houding of positie in (2) impliceert immers ook dat die situatie blijft
voortduren. In (3) drukt de infinitief geen letterlijke positie in de ruimte
uit. In dergelijke gevallen blijft de ruimtelijke betekenis van de constructie
op de achtergrond of is ze zelfs afwezig en hebben we te maken met een puur
aspectuele betekenis.
Blijven staan, steken
Verdieping
Blijven staan, steken
Blijven in combinatie staan en
steken kan betekenen
dat een verplaatsing afgebroken wordt. Het kan om een letterlijke
verplaatsing gaan (ia-ib) maar ook om een meer abstract traject (ic).
In de werkwoordelijke eindgroep wordt
blijven direct gevolgd door
de infinitief:
In
de voltooide werkwoordstijden (4b) verschijnt het groepsvormende
blijven als een vervangende
infinitief (gemarkeerd in het vet).
Literatuur
Leys 1985, Mortier 2010
Verder lezen
Literatuur
Interessante links
ANS
Taaladvies
Dagenta
Taalportaal
Versiegeschiedenis
| versie | redacteur(en) | datum | opmerkingen |
| 3.0 | Evie Coussé | juli 2022 | |
| 2.1 | januari 2019 | Automatische conversie van ANS 2.0 | |
| 2.0 | W. Haeseryn, K. Romijn, G. Geerts, J. de Rooij, M.C. van den Toorn | 1997 | 18.5.4.3.ii,/data/archief/ans2/e-ans/18/05/04/03/02/body.html; |
