Voorbeeldzoeker x
(typ in het invoerveld om het voorbeeld te wijzigen)
zoek dit voorbeeld in:
ANS

Woordenboeken

  • INT (500 AD - heden)
  • Etymologiebank
  • Woordenlijst.org

Corpora en lexica

  • Corpus Hedendaags Nederlands Clarin login
  • GrETEL (CGN, Lassy)
  • SoNar Clarin login
  • Delpher
  • Celex Clarin login

Overige bronnen

  • Taalportaal
  • DBNL
  • Taaladvies.net
  • Wikipedia
  • Google
18.5.2.1 Blijken, lijken, schijnen met lange infinitief
De werkwoorden blijken, lijken en meer zeldzaam schijnen vormen samen met een lange infinitief subjectgeoriënteerde werkwoordconstructies die evidentialiteit uitdrukken.
In de literatuur wordt de constructies doorgaans evidentieel genoemd maar een aantal auteurs wijzen erop dat ze ook epistemische modaliteit uitdrukken (De Haan 2007, Koring 2013, Mortelmans 2016). De relatie tussen evidentialiteit en epistemische modaliteit is een onderwerp van discussie in de theoretische literatuur waar we hier niet op ingaan.
Met die evidentiële constructies kan een spreker meer bepaald aangeven op wat voor soort informatie zijn of haar uiting gebaseerd is. Zinnen (1a-1d) illustreren het gebruik van de constructies met de lange infinitief te zijn.
1aDe bouwfraude, zoals die een paar jaar geleden aan het licht kwam, blijkt nog veel omvangrijker te zijn.
bD'r werd gedanst en geroepen en gezongen en heel uitgebreid gebeden maar het lijkt toch een iets minder groot feest te zijn dan men eerder had gedacht.
cIemand moet er het karakter voor hebben om zo te kunnen denken, en dat schijnt bij Houins wel zo te zijn.
dJa, maar ze schijnt wel heel goed te zijn.
De betekenis van de drie constructies ligt dicht bij elkaar en is dus moeilijk uit elkaar te halen. De constructie met blijken is de enige waarbij de spreker uitdrukt dat de uiting gebaseerd is op feiten en dat hij of zij dus zekerheid heeft over werkelijkheidsgehalte van de zin. In de constructies met lijken en schijnen is de spreker meer onzeker over het werkelijkheidsgehalte van de zin. De constructie met schijnenis dan weer de enige die kan uitdrukken dat de spreker zich baseert op informatie van een ander (1d) in de plaats van op eigen waarneming (1b) of eigen redenering (1c). In wat volgt zullen we de betekenissen en het gebruik van de drie constructies verder uitwerken.
Verder lezen
Betekenis blijken met lange infinitief
Met de constructie blijken met lange infinitief kan de spreker expliciet maken dat de inhoud van de zin gebaseerd is op feiten. De spreker is bijgevolg zeker van het werkelijkheidsgehalte van de zin.
Strikt genomen is deze betekenis geen vorm van evidentialiteit. Zie 28.5.2 voor een verdiepende bespreking van de betekenis van lijken met lange infinitief.
2aDe bouwfraude, zoals die een paar jaar geleden aan het licht kwam, blijkt nog veel omvangrijker te zijn.
bUit interviews blijkt er bij huisartsen een ernstige behoefte te bestaan aan objectieve, wetenschappelijke informatie.
De constructie wordt vaak gebruikt om aan te geven dat de feiten beschreven in de zin op één of andere manier onverwacht zijn. Zinnen (3a-3c) drukken uit dat de beschreven feiten contrasteren met eerdere verwachtingen, zoals expliciet gemaakt door uiteindelijk en achteraf (verder zijn ook bij nader inzien, later, dan, toch mogelijk).
3aDe speler van Saint-Etienne werd aanvankelijk het hof gemaakt door Lyon en op het einde van de transferperiode ook door Lens en Betis Sevilla, maar Monaco bleek uiteindelijk de beste argumenten te hebben om het jonge talent vast te leggen.
bMet de operatie van het vierjarige zoontje Owen blijkt het achteraf mee te vallen.
cIronisch genoeg bleek Mother dus achteraf een mannetje te zijn.
Betekenis lijken met lange infinitief
Met behulp van de constructie lijken met lange infinitief kunnen sprekers aangeven dat de inhoud van de zin gebaseerd is op eigen waarneming. We spreken in dit geval van directe evidentie. De geobserveerde feiten zijn echter te onduidelijk voor de spreker om een zekere uitspraak te wagen over het werkelijkheidsgehalte van de zin. De spreker drukt met andere woorden eerder een vermoeden of indruk dan een vaststaand feit uit.
4aClijsters is inmiddels teruggezakt naar de 134ste plaats, maar dat lijkt haar niet te deren.
bTijdens het optreden in Tivoli lijkt The Artist Formerly Known As Prince te beschikken over voorspellende gaven.
cBedachtzame akoestische muziek leek niet langer te bevredigen.
Betekenis schijnen met lange infinitief
Sprekers kunnen met behulp van schijnen met lange infinitief aangeven dat ze enkel indirecte aanwijzingen hebben voor de inhoud van de zin. We spreken van indirecte evidentie. Sprekers kunnen meer bepaald op basis van redeneren tot een bepaalde uitspraak komen, zoals in (5a-5b), ook wel inferentiële evidentialiteit genoemd. Dat gebruik is typisch voor geschreven taal.
5aIemand moet er het karakter voor hebben om zo te kunnen denken, en dat schijnt bij Houins wel zo te zijn.
bMet de overgave van Lee - meer dan wie ook het gezicht van de Geconfedereerde Staten van Amerika, meer dan wie ook de leider van de natie - scheen de vechtersziel van de confederatie ineen te storten.
Daarnaast kan de uitspraak van de spreker ook gebaseerd zijn op informatie van anderen, zoals in (6a-6b). De spreker rapporteert in dat geval louter wat hij of zij van anderen vernomen heeft. Dit gebruik staat bekend als hearsay-evidentialiteit. Dat gebruik komt meer voor in gesproken taal.
6aJa, die schijnt best goed te zijn die Van Basten, hè?
bMaar, 't schijnt wel een leuke sport te zijn.
In beide gevallen laat de spreker het werkelijkheidsgehalte van de zin in het midden.
Open plek voor werkwoorden
De evidentiële constructies met blijken, lijken en schijnen worden gecombineerd met vergelijkbare werkwoorden. Tabel 1 toont dat de open plek in alle drie de constructies vooral gevuld wordt door de lange infinitief te zijn.
De cijfers gelden voor tweeledige werkwoordgroepen in de dataset van Coussé & Bouma (2022). De tokenfrequentie geeft het totale aantal werkwoordconstructies weer. De typefrequentie staat voor het aantal verschillende infinitieven in die werkwoordconstructies.
Tabel 1. Meest frequente infinitieven bij blijken, lijken en schijnen.
Blijken Lijken Schijnen
te zijn 87 te zijn 24 te zijn 16
te hebben 25 te worden 6
te bestaan 7 te gaan 5
te beschikken 3 te hebben 5
te verminderen 3 te komen 4
toe te nemen 3
te wijzen 3
Types 59 Types 87 Types 19
Tokens 187 Tokens 139 Tokens 34
We herhalen hier de zinnen (1a-1d) als (7a-7d) waar het gebruik van dit frequente patroon wordt geïllustreerd.
7aDe bouwfraude, zoals die een paar jaar geleden aan het licht kwam, blijkt nog veel omvangrijker te zijn.
bD'r werd gedanst en geroepen en gezongen en heel uitgebreid gebeden maar het lijkt toch een iets minder groot feest te zijn dan men eerder had gedacht.
cIemand moet er het karakter voor hebben om zo te kunnen denken, en dat schijnt bij Houins wel zo te zijn.
dJa, maar ze schijnt wel heel goed te zijn.
Weglaatbaarheid van te zijn
Verdieping
Weglaatbaarheid van te zijn
Het infiniete zijn in zinnen (7a-7b) is een koppelwerkwoord met een naamwoordelijk gezegde. Het voegt weinig betekenis toe aan de zin. In de literatuur wordt vaak gewezen op de gelijkenis van dit collocationele patroon met het gebruik van blijken, lijken en schijnen als koppelwerkwoord. ANS2 18.5.4.5 sectie 4 gaat zo ver door te zeggen dat de infinitief “vrijwel algemeen” al dan niet gebruikt kan worden. Ondanks de geringe betekenisinbreng van de lange infinitief te zijn valt het koppelwerkwoord in authentiek taalgebruik echter niet zomaar weg te laten, zoals de aangepaste zinnen (ia-ib) aantonen.
iaDe praetor, Shinzon, blijkt echter geen Romulaan.
(twijfelachtig)
bHet lijkt een iets minder groot feest dan men eerder had gedacht.
cDat schijnt bij Houins wel zo.
(twijfelachtig)
dJa, maar ze schijnt wel heel goed.
(uitgesloten)
Dit wijst erop dat het werkwoordpatroon met of zonder te zijn afzonderlijke constructietypes vormen met hun eigen distributie. Voor corpusonderzoek naar het gebruik van blijken, lijken en schijnen in verschillende constructietypes verwijzen we naar Vliegen (2011, 2019), Van Boogaert & Colleman (2013), Mortelmans (2016, 2017) en referenties daarin.
Daarnaast vinden we in de frequentere constructies met blijken en lijken ook relatief frequent de lange infinitief te hebben, zie (8a-8b).
8aDe mate waarin de verwaarlozing had gespeeld, bleek weinig invloed te hebben op de capaciteit van de baby's om zich opnieuw geborgen te voelen.
bDe georganiseerde criminaliteit lijkt vaste grond onder de voeten te hebben en ook in het onderwijs en de gezondheidszorg lopen zaken niet goed .
Optioneel ondervindend voorwerp
Opvallend is dat lijken in welbepaalde omstandigheden met een ondervindend voorwerp kan voorkomen. Het gaat meer bepaald om lijken gecombineerd met een intransitieve infinitief zoals zijn, erop wijzen, te ver gaan, voor de hand liggen,zoals geïllustreerd in (9a-9c).
9a't Lijkt mij de ritwinnaar uit Parijs Nice te zijn.
bDat lijkt mij te wijzen, ik zeg het heel voorzichtig, op een toch een zekere mate van opwaardering van de zwaarte van de Servische delegatie.
cNou, dat lijkt mij nogal ver te gaan en ik denk dat 't niet kan.
dLaat ik zeggen, het lijkt mij voor de hand te liggen dat ik met een nota van wijziging dan kom.
Het ondervindend voorwerp is typisch het persoonlijk voornaamwoord mij. De spreker kan met het voornaamwoord expliciteren dat de uiting louter gebaseerd is op de eigen waarneming, zoals in (9a-9b). Daarnaast kan de constructie lijkt mij gebruikt worden om een persoonlijke mening voorzichtig uit te drukken, zoals in (9c-9d).
Op die manier vormt het een onpersoonlijke variant op ik vind waar het oordelende subject veel sterker op de voorgrond treedt. Vergelijk het voorzichtige dat lijkt mij nogal ver gaan in (9c) met het veel directere ik vind het nogal ver gaan.
In dat geval hebben we niet langer met het uitdrukken van evidentialiteit maar van subjectiviteit te maken. Beide gebruiken zijn typisch voor de gesproken taal.
Groepsvorming
De evidentiële constructies zijn verplicht groepsvormend. Ze vormen een werkwoordelijke eindgroep in bijzinnen (10a-10c) en in de hoofdzin (10d).
10aDe trend sloeg over naar toermotoren én snelle sportmachines die recht van het racecircuit |leken te komen|.
bMarc Van Den Hoof over de nieuwe tijd die hem maar matig |schijnt te bevallen|.
cTenslotte: het krachtenveld binnen de EU bepaalt voor een belangrijk deel of bovenstaande Nederlandse inzet succesvol |zal blijken te zijn|.
dWaarom willen jonge Britse mannen (wellicht zullen ze uiteindelijk Brits |blijken te zijn |) zoveel mogelijk willekeurige medeburgers om het leven brengen in nachtclubs en luchthavens?
Zinnen als (10c-10d) zijn zeldzaam aangezien evidentiële constructies zelden voorkomen in het bereik van andere groepsvormende werkwoorden. Die tendens heeft te maken met het semantische hoge bereik van evidentiële groepsvormende werkwoorden. Zie 18.6 Die tendens bestaat ook voor hulpwerkwoorden van voltooidheid, zodat de gevoeligheid van deze constructies voor het IPP-effect moeilijk getest kan worden.
Literatuur
Van Bruggen 1980, Sanders & Spooren 1996, De Haan 2000, 2007, Vliegen 2010, 2011a, 2011b, Koring 2012, 2013, Van Bogaert & Colleman 2013, Janssens & Nuyts 2014, Van Bogaert & Leuschner 2015, Mortelmans 2016, 2017, Poortvliet 2018, Vliegen 2019, Colleman & Van Bogaert 2019
Literatuur
    Interessante links
    ANS
    Taaladvies
    Dagenta
    Taalportaal
    Versiegeschiedenis
    versie redacteur(en) datum opmerkingen
    3.0 Evie Coussé juli 2022
    2.1 januari 2019 Automatische conversie van ANS 2.0
    2.0 W. Haeseryn, K. Romijn, G. Geerts, J. de Rooij, M.C. van den Toorn 1997 18.5.4.5,/data/archief/ans2/e-ans/18/05/04/05/body.html;
    1.0 G. Geerts, Walter Haeseryn, J.J. de Rooij, M.C. van den Toorn 1984 8.6.3.4
    Interessante links