21.4 De eerste zinsplaats
De eerste zinsplaats gaat direct vooraf aan de eerste pool en vormt daarmee dus het begin van de
eigenlijke zin. Buiten de eigenlijke zin kan de eerste
zinsplaats alleen vooraf worden gegaan door een eventuele aanloop:
| eerste zinsplaats | |eerste pool| | middenstuk | |tweede pool| | laatste zinsplaats |
Zoals beschreven in [21.1.1] Het polaire principe is de eerste zinsplaats
alleen beschikbaar in de zinstypen 1a en 2a, waarbij de persoonsvorm (pv) in zinstype 1a de eerste pool
bezet, en in zinstype 2a de tweede pool. In beide zinstypen kan er hooguit één
zinsdeel op de eerste zinsplaats staan, met bijna onbegrensde mogelijkheden wat
betreft de functie van dat zinsdeel. In zinstype 1a is de invulling van de
eerste zinsplaats verder te beschrijven aan de hand van het
links-rechtsprincipe, waarbij een zin dat principe kan volgen of juist schenden.
In het eerste geval heeft is het element op de eerste zinsplaats informatief
minder belangrijk dan de overige zinsdelen. In het tweede geval is het
informatieve belang groter of zelfs het grootst. Vraagwoordvragen onttrekken
zich aan het links-rechtsprincipe doordat vraagwoorden nu eenmaal structureel op
de eerste zinsplaats staan. Hetzelfde geldt in zinstype 2a zelfs voor iedere
zin: hier bevat de eerste zinsplaats standaard een vragend of betrekkelijk
(voornaam)woord of een zinsdeel dat een dergelijk woord bevat.
Verder lezen
Literatuur
Interessante links
ANS
Taaladvies
Dagenta
Taalportaal
Versiegeschiedenis
| versie | redacteur(en) | datum | opmerkingen |
| 3.0 | M. van de Visser | augustus 2019 |
