18.3.1.5 Betekenis
Heel wat van de werkwoordconstructies in dit hoofdstuk kunnen op basis van hun betekenis in
groepen samengebracht worden. In deze paragraaf focussen we op het feit dat een
aanzienlijk deel van de werkwoordconstructies een betekenis uitdrukt in het domein van
tijd, aspectualiteit,
modaliteit en evidentialiteit (kortweg
TAME). Die constructies laten de spreker toe de stand van zaken, genoemd in het werkwoordelijk gezegde of de gehele zin, nader te
bepalen. Meer technisch kunnen we zeggen dat ze kwalificaties
aanbrengen bij de stand van zaken waar de spreker over praat.
- Tijd
- Aspectualiteit
- Modaliteit
- Evidentialiteit
Verder lezen
Tijd
Werkwoordconstructies kunnen gebruikt worden om de handeling in het gezegde nader te situeren in
de tijd. Ze doen dat samen met de vervoegde werkwoordvorm in de werkwoordgroep. Voor een
uitvoerige behandeling van de werkwoordstijden verwijzen we naar paragraaf 2.4.8.
Werkwoordconstructies dragen meer bepaald bij tot het uitdrukken van de voltooide
werkwoordstijden, zoals hebben en
zijn met deelwoord in (1a-1b), en kunnen
als toekomstaanduider gebruikt worden, zoals
zullen en
gaan met korte infinitief in (1c-1d). Deze
werkwoordconstructies kunnen daarnaast ook nog andere betekenissen uitdrukken, zoals
aspect of modaliteit.
Aspectualiteit
Werkwoordconstructies kunnen ook gebruikt worden om het interne tijdverloop, of meer technisch
gezegd, de aspectualiteit, van de handeling in het gezegde expliciet te maken. We
verwijzen voor een uitvoerige behandeling van aspectualiteit naar hoofdstuk 30. Zo is er een
reeks werkwoorden van lichaamshouding die kunnen uitdrukken dat de handeling aan de gang
is, zoals in (2a). Daarnaast zijn er een aantal werkwoordconstructies die het begin van de
handeling uitdrukken, of aangeven dat de handeling niet stopt, zoals in (2b-2c).
Modaliteit
Werkwoordconstructies kunnen ook ingezet worden om verschillende soorten modaliteit uit te
drukken in de zin. Heel algemeen kunnen we zeggen modale constructies de
dimensies van mogelijkheid en noodzakelijkheid uitdrukken. We verwijzen naar
hoofdstuk 28 voor een diepgaande bespreking van modaliteit. Zin (3a)
illustreert een modale constructie die een mogelijkheid uitdrukt terwijl de
zinnen (3b-3c) een noodzaak of behoefte aangeven.
Evidentialiteit
Werkwoordconstructies kunnen de bron aangeven waarop de weergave van de stand van zaken in de zin
gebaseerd is. Zo kan de spreker aangeven dat de informatie in de zin van horen zeggen is,
zoals in (4a), of afgeleid op basis van andere indirecte bronnen, zoals in (4b). In
hoofdstuk 28
wordt de categorie van evidentialiteit uitgebreid besproken.
Literatuur
De Schutter 1974, Nuyts 2001, IJbema 2002, Vandeweghe 2014, Coussé & Bouma 2022
Literatuur
Interessante links
ANS
Taaladvies
Dagenta
Taalportaal
Versiegeschiedenis
| versie | redacteur(en) | datum | opmerkingen |
| 3.0 | Evie Coussé | juli 2022 | |
| 2.1 | januari 2019 | Automatische conversie van ANS 2.0 | |
| 2.0 | W. Haeseryn, K. Romijn, G. Geerts, J. de Rooij, M.C. van den Toorn | 1997 | hoofdstuk 18,/data/archief/ans2/e-ans/18/body.html; |
