Voorbeeldzoeker x
(typ in het invoerveld om het voorbeeld te wijzigen)
zoek dit voorbeeld in:
ANS

Woordenboeken

  • INT (500 AD - heden)
  • Etymologiebank
  • Woordenlijst.org

Corpora en lexica

  • Corpus Hedendaags Nederlands Clarin login
  • GrETEL (CGN, Lassy)
  • SoNar Clarin login
  • Delpher
  • Celex Clarin login

Overige bronnen

  • Taalportaal
  • DBNL
  • Taaladvies.net
  • Wikipedia
  • Google
18.5.1.4 Zullen met korte infinitief
Zullen met korte infinitief is een erg frequente constructie die met uiteenlopende betekenissen wordt gebruikt. Het meest gewone gebruik is dat als toekomstaanduider. Het groepsvormende werkwoord zullen wordt in die functie traditioneel beschouwd als hulpwerkwoord van tijd (of meer specifiek hulpwerkwoord van toekomende tijd).
1Toekomstaanduider
1aHet offerfeest begin volgende week zal plaatsvinden zonder het traditionele offeren van schapen.
CGN
bIn de loop van dat jaar zal zij een verslag opstellen over de werking van het stelsel van de eigen middelen.
Lassy
cToen werd in 1878 (in de spanningen die tot het Congres van Berlijn aanleiding zouden geven) een Russisch gezantschap naar Kaboel gezonden.
Lassy
In deze paragraaf zullen we niet dieper ingaan op het temporele gebruik van zullen met korte infinitief. We verwijzen voor een bespreking van de toekomende werkwoordtijden naar 2.4.8. In 18.5.3.3 vergelijken we het futurale gebruik van zullen met korte infinitief met dat van gaan met korte infinitief.
Toekomstaanduider of niet?
Verdieping
Toekomstaanduider of niet?
Bij taalkundigen lopen de meningen uiteen over de vraag of zullen met korte infinitief beschouwd moet worden als een toekomstaanduider of niet. De discussie tussen Verkuyl & Broekhuis (2013) en Boogaart (2013) illustreert hoe over de kwestie wordt nagedacht vanuit een formeel dan wel functioneel perspectief. Verkuyl & Broekhuis (2013) argumenteren – net zoals later ook de SoD (2015: 1.5.2.II) – dat zullen uitsluitend een modaal werkwoord is en geen eigen bijdrage levert aan de temporele interpretatie van de zin. Boogaart (2013) gaat tegen deze analyse in en benadrukt het feit dat de modale lezing (in het bijzonder de epistemisch modale) historisch uit de toekomstlezing ontstaan is en dat beide lezingen vandaag vaak moeilijk van elkaar te scheiden zijn.
Bij het niet-temporele gebruik van zullen met korte infinitief zien we een opvallende specialisatie van betekenissen al naargelang het groepsvormende werkwoord zullen een presens- of imperfectumvorm heeft. De presensvorm van de constructie, met name zal/zult/zullen met korte infinitief, kan epistemische modaliteit uitdrukken (2a) en wordt daarnaast ook gebruikt in een beperkte aantal directieve contexten (2b) en vraagzinnen (2c).
2Presensvormen
aVeel werk zal de toenmalige predikant, Lambertus Latonius, niet gehad hebben, want in Wolder woonden maar een viertal hervormde families.
Lassy
bMaar volgens Danneels is het willens en wetens besmetten van een partner in strijd met het vijfde gebod “Gij zult niet doden”.
Lassy
cZal ik nog even wijn bijschenken?
CGN
Bij de imperfectumvorm van de constructie, met ander woorden zou/zouden met korte infinitief, onderscheiden we een hypothetisch (3b), hearsay-evidentieel (3b) en afzwakkend (3c) gebruik.
3Imperfectumvormen
aMaar als we door één of andere reden krap zouden zitten in de spitsen, kunnen we problemen krijgen.
Lassy
bDe NMA onderzoekt berichten in de media, en klachten uit de muziekbranche, die erop wijzen dat het bureau z'n monopolie-positie zou misbruiken.
Lassy
cZou je die kachel iets hoger willen zetten misschien?
CGN
In wat volgt gaan we dieper in op de betekenisnuances van het niet-temporele gebruik van zullen met korte infinitief. Daarnaast besteden we ook enige aandacht aan groepsvorming.
Verder lezen
Epistemische modaliteit
Zullen met korte infinitief kan uitdrukken dat iets waarschijnlijk of in hoge graad aannemelijk is volgens de spreker. We noemen dat gebruik epistemisch modaal. De inschatting van de spreker baseert zich op ervaring of algemene kennis. Het epistemische gebruik van zullen met korte infinitief is soms moeilijk te onderscheiden van het futurale gebruik, zoals in (4b), aangezien deze zin over de toekomst gaat. De epistemische lezing krijgt extra prominentie door toevoeging van het schakeringspartikel wel, zoals in (4c), of in combinatie met toestandswerkwoorden, als in (4a) of (4c). Omdat deze zinnen niet over de toekomst gaan, is zullen hier onmiskenbaar gebruik in zijn epistemisch modale betekenis.
4aVeel werk zal de toenmalige predikant, Lambertus Latonius, niet gehad hebben, want in Wolder woonden maar een viertal hervormde families.
Lassy
bEen probleem wat, denk ik, in de toekomst alleen maar groter zal worden.
CGN
cD'r zal wel iets van waar zijn, hè?
CGN
Directiviteit
In erg beperkte mate kan zullen met korte infinitief een verplichting, gebod of (met een ontkenning erbij) een verbod uitdrukken. Dat directieve gebruik is vergelijkbaar met dat van moeten met korte infinitief (18.5.1.5), maar zullen met korte infinitief is nadrukkelijker. Die vergelijkbare betekenis blijkt uit de nevenschikking van de groepsvormende werkwoorden moet en zal in (5b). Het voorbeeld in (5a) heeft een bijbels karakter en doet formeel en archaïsch aan.
5aMaar volgens Danneels is het willens en wetens besmetten van een partner in strijd met het vijfde gebod “Gij zult niet doden”. formeel
Lassy
bVanaf het moment dat Armin hoort dat hij zijn hele leven al onvruchtbaar is, moet en zal hij de echte vader vinden.
Open Sonar
Vraagzinnen
Zullen met een infinitief kan in vraagzinnen gebruikt worden om een voorstel of suggestie beleefd uit te drukken (6a-6c).
De constructie kan op die manier beschouwd worden als een hoffelijkheidsmarkeerder. 28.5
Het onderwerp staat hierbij steeds in de eerste persoon (ik of wij). Dit soort gebruik komt vooral voor in het Nederlands-Nederlands. In het Belgisch-Nederlands komt in deze contexten soms willen met korte infinitief voor (18.5.1.3).
6aZal ik nog even wijn bijschenken? vooral in NN
CGN
bZal 'k 'ns kijken hoe het met Milaan zit? vooral in NN
CGN
cZullen we naar binnen gaan? vooral in NN
CGN
Hypothetisch
De imperfectumvorm van zullen met korte infinitief drukt vaak geen verleden tijd uit. Met zou(den) met korte infinitief kan de spreker onzekerheid uitdrukken over de werkelijkheidsstatus van de handeling in de zin. De spreker laat hiermee in het midden of de handeling werkelijk of niet werkelijk is. We noemen dit gebruik hypothetisch. Zinnen als (7b-7c) zijn typisch in de nieuwsmedia, om al te grote stelligheid in de berichtgeving te vermijden.
7Hypothetisch
aMaar als we door één of andere reden krap zouden zitten in de spitsen, kunnen we problemen krijgen.
Lassy
bMaar ik weet niet of hij het geduld zou hebben.
Lassy
cGevreesd werd dat de Akademik Fjodorov niet door het dikke ijs zou geraken, ondanks de nucleaire ijsbreker die de weg moest vrijmaken.
Lassy
In bepaalde contexten drukt zou(den) met korte infinitief niet alleen onzekerheid uit of de werking in de zin werkelijk is of niet, maar dat die handeling door omstandigheden bovendien ook nooit werkelijkheid kan worden, zoals in (8a-8b). Die specifieke interpretatie noemen we niet-werkelijk of irrealis (28.2.1.
8Irrealis
aOmdat hij wist dat hij bij Ajax nooit een basisplaats zou krijgen, vertrok hij naar Auxerre.
CGN
bTegelijkertijd laat het Rodenbach nu al toe om uit te pakken met een opvallende affichecampagne, die anders veel te duur zou zijn voor het familiebedrijf.
Het irrealis gebruik van zou(den) met korte infinitief in conditionele contexten kan gecombineerd worden met een parallelle zou(den) met korte infinitief of met de imperfectumvorm van het zelfstandige werkwoord. Zie 28.3.3.2 voor meer details.
9Irrealis in conditionele contexten
aIk zou hier wel een deur tussen zetten, als ik hier zou wonen.
CGN
bIk zou toch wel vaker fietsen, als ik op Vossenveld woonde.
CGN
cAls je nou op zich naast 't station zou wonen, dan zou 'k best effe op en neer komen.
CGN
dAls ik alleen was, zou ik ook niet zo snel op de fiets gaan zo 's avonds laat.
CGN
Hearsay-evidentialiteit
De imperfectumvorm zou(den) met korte infinitief kan ook uitdrukken dat de spreker de gegeven informatie ‘van horen zeggen’ heeft en dus niet kan instaan voor het waarheidsgehalte ervan. De bron van de informatie kan expliciet aangegeven worden in een bijwoordelijke bepaling met volgens, zoals in (10c). We noemen dit gebruik hearsay-evidentieel.
10aIn een open brief in de Volkskrant hekelt prins Bernhard onder meer de beweringen dat hij buitenechtelijke kinderen zou hebben en dat hij een dubieuze rol zou hebben gespeeld in de oorlog.
Lassy
bDe NMA onderzoekt berichten in de media, en klachten uit de muziekbranche, die erop wijzen dat het bureau z'n monopolie-positie zou misbruiken.
Lassy
cGrootayatollah Al-Sistani zou nu volgens een Arabische tv-zender dus hebben gedreigd met een fatwa, zijn aanhangers dreigen met acties en stakingen.
Afzwakkend
De imperfectumvorm zou(den) met korte infinitief wordt ook gebruikt om een uitspraak af te zwakken (ook wel mitigerend gebruik genoemd) uit beleefdheid of om te grote stelligheid te vermijden.
Het is met andere worden als een hoffelijkheidsmarkeerder.
Zou(den) met korte infinitief kan bijvoorbeeld gebruikt worden om een verzoek in vragende vorm voorzichtig te formuleren, zoals in (11a), of om een bewering minder stellig uit te drukken, als in (11b-11c).
11aZou je die kachel iets hoger willen zetten misschien?
CGN
bNou, ik zou dat nou niet zo hard willen formuleren.
CGN
cDoe 'ns een tegenvoorstel, zou ik zeggen.
CGN
De voorbeelden illustreren dat afzwakkend zou(den)met korte infinitief vaak gecombineerd wordt met andere modale werkwoorden, in het bijzonder willen.
Groepsvorming
Zullen met korte infinitief is verplicht groepsvormend en vormt een werkwoordelijke eindgroep in bijzinnen (12a) en in hoofdzinnen (12b-12c).
12aIn het ziekenhuis heb je nog het idee dat er aan je wordt gewerkt, dat het beter |zal worden|.
bDe jongeman liep een geperforeerde long op, maar lijkt de steekpartij |te zullen overleven|.
OpenSonar
cKijk, we hebben ook een natuurbeleidsplan in Nederland, en dat hadden we klaar | zullen hebben| in tweeduizend achttien, en als we op dit tempo doorgaan is 't in tweeduizend dertig nog niet klaar. in NN
De constructie komt maar zelden voor in het bereik van een andere groepsvormend werkwoord zie 18.8 , waardoor zinnen als (12b-12c) relatief zeldzaam zijn. Zin (12c) illustreert dat de constructie het IPP-effect vertoont.
Het IPP-effect bij zullen is beperkt tot irrealis had(den) en lijkt enkel in het Nederlands-Nederlands voor te komen. Zie 18.7 voorbeeld (21c) voor een meer uitvoerige bespreking van deze beperking.
Literatuur
Droste 1958-1959, Ebeling 1962, Kirsner 1969, Niekerk 1972, Wekker 1974, Van Campenhout 1974, Evers & Scholten 1980, Jansen 1989, Colleman 2000, Harmes 2006, 2014, 2017, Diepeveen et al. 2006, Roels et al. 2007, Verkuyl & Broekhuis 2013, Boogaart 2013, Byloo & Nuyts 2013, Nuyts et al. 2020
Literatuur
    Interessante links
    ANS
    Taaladvies
    Dagenta
    Taalportaal
    Versiegeschiedenis
    versie redacteur(en) datum opmerkingen
    3.0 Evie Coussé juli 2022
    2.1 januari 2019 Automatische conversie van ANS 2.0
    2.0 W. Haeseryn, K. Romijn, G. Geerts, J. de Rooij, M.C. van den Toorn 1997 18.5.4.4.ii.f,/data/archief/ans2/e-ans/18/05/04/04/02/06/body.html;18.5.4.4.iii.f,/data/archief/ans2/e-ans/18/05/04/04/03/06/body.html;
    1.0 G. Geerts, Walter Haeseryn, J.J. de Rooij, M.C. van den Toorn 1984 8.6.3.5
    Interessante links